Dat moet goede hoop geven in deze tijd van werkloosheid en
ontslagen. De veertigjarige João Ricardo Pedro werd in 2009 ontslagen op zijn
werk als technisch ingenieur, deed een vreugdendansje omdat hij eindelijk zijn
roman kon gaan schrijven, debuteerde met ‘Jouw gezicht zal het laatste zijn’ en
werd bedolven onder mooie kritieken en veroverde de literaire prijs de LeYa,
inclusief de bijbehorende 100.000 euro. Niet slecht.
Is het ook wat, dit debuut?
Het is prachtig, poëtisch, Portugees en het is een puzzel.
Een puzzel van drie generaties van een Portugese familie, met doorgegeven of zelfgecreëerde
demonen.
Augusto, Antonio en Duarte, drie mannen uit de
Mendes-familie. Hun geschiedenissen worden gedeeld, met telkens de nadruk op
een van de generaties. Een enorme reeks aan anekdotes, vreemde voorvallen en
bepalende momenten komt, soms kriskras, voorbij. Je verliest uit het oog wat
anekdote is en wat bij de grote verhaallijn van de Mendes-familie hoort.
Augusto is dokter in een klein en arm dorp. Een zelfgekozen locatie,
is hij ergens voor gevlucht? Zoon Antonio is twee keer naar Angola geweest als
militair en komt na de tweede keer veranderd terug. Kleinzoon Duarte is
pianospeler, maar stopt op een dag definitief met spelen. Hun levensverhalen
lopen hun eigen routes, maar zijn op een dieper niveau volledig met elkaar
verweven. De grote drama's, de meest bepalende gebeurtenissen in elk leven blijven onverteld op de achtergrond, om toch volledig door te sijpelen in de kleine tellen van een leven. Heel bijzonder.
Net als de Rubik kubus of een weerbarstige cryptogrammenpuzzel
is dit boek een kunstwerkje. Een kunstwerkje dat je van alle kanten gaat
bekijken om uit te vinden hoe het in elkaar steekt, een lastpakje waar je
meerdere theorieën en opties op los laat om het op te lossen. Ik sta te popelen
om het exact te doorgronden, maar ergens heb ik het idee dat dit boek daar
helemaal niet voor bedoeld is.
João Ricardo Pedro schrijft prachtig, hij is briljant in het
scheppen van een sfeer, in het weergeven van een scène. Soms bizarre, maar ook
heel intieme en hartverscheurende momenten. Zoals wanneer een vrouw keer op
keer weer haar flatgebouw verlaat om boodschappen groot in te slaan. Een intens
emotioneel en toch onderkoeld gebeuren. En alles komt terug, door de verweving
van generaties.
Dit boek van 180 bladzijden leest als een familiekroniek van
tienvoudige omvang. Het is een frustrerende ervaring, maar meer nog een
inspirerende doos vol miniverhaaltjes. Hoe het allemaal samenhangt? Ja, ga dat
voor jezelf uitzoeken, zeg!
Blijkbaar is literatuur bedoeld om te verwarren en
verwonderen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten